Bomen, bos en vergezichten

Als november één ding te bieden had, dan was het wel de onverwacht lieftallige, zoete herfst. Wij maakten onze tochtjes naar een plek die altijd rustig is bijna dagelijks in de zon. Deze plek is niet om de hoek, maar ook niet echt ver en het uitstapje loont eigenlijk altijd. De drukte op de wandel- en fietsroutes hier in de buurt vroeg daar zeker om, want we waren bepaald niet de enigen die doorhadden dat de zon aanstond.

Bijna iedere dag reden we door goudrode bossen en lieten ons betoveren door de illusie van een vakantie ver weg. Dat gevoel groeide met het steeds stiller worden van de wegen. Eenmaal aangekomen, liepen we dan door een randje bos, om daarachter een onmiddellijke beloning op te strijken: de betoverende vergezichten over het zich ontvouwende heidelandschap. De magie daar wordt nog eens versterkt doordat het er iedere keer anders uitziet. Zo is het altijd een helemaal nieuwe wandeling en steeds besluipt je een moment dat je de weg niet zeker weet.

Afgelopen keer liepen we er onbedoeld in een flinke mist. De vervaging gaf de sfeer van een buitenaardse film. En, als je er nooit eerder was, of nooit zo trefzeker geraakt bent in het aanhouden van de juiste richting, dan was urenlang verdwalen die dag helemaal geen kunst. De waterkou joeg ons helaas eerder uit het donzige landschap weg dan we ons hadden voorgesteld. Op naar huis en de centrale verwarming, een onvervalst wintergevoel. Thuis zijn we nu ijverig als nooit tevoren. Zo verdrijven we het gevoel van binnengesloten zijn.

Wat van de afgelopen maand sterk beklijft is dat het nieuws dat ons bereikt steeds verbazingwekkender wordt. Ik zag een korte documentaire over nieuwe inzichten over covid19. Is toch wel uitgemolken zo langzamerhand, zou je denken. Dacht ik ook. Maar nog steeds geeft de aard van het ziekteverloop de wetenschap raadsels. Nu lijkt het erop dat de invaliderende en fatale effecten die bij deze infectie kunnen ontstaan, zijn ontraadseld. Voor wie het wil zien, het gaat om De raadsels van corona.

Niet alleen wordt hier iets uitgelegd, maar ook wordt duidelijk dat er een effectieve bestrijding voor handen is in de diepe laden van de ziekenhuisapotheek. Tjonge, dat is pas nieuws. Ik ben heel benieuwd of, en vervolgens wanneer, we hier iets meer over zullen horen. En o ja, wie meent in de onderzoeker op het startplaatje van de docu een zekere heer Lubach te ontwaren: hij is het niet!

Verder nam ik toch maar eens de moeite om de verhoren inzake het onderzoek naar de toeslagenaffaire te volgen. Alles kan misgaan. En deze overheid waarvoor tien jaar lang gold dat de bakens zo ver mogelijk verzet moesten worden, is natuurlijk ten prooi aan kinderziektes. Maar nu keek ik vooral of ik mijn aanname dat de ultieme perverse prikkel inderdaad voortkwam uit de interne eis dat de belastingdienst een bepaald bedrag moest terughalen in het kader van de aangescherpte fraudebestrijding. Ik werd helaas beloond. De mensen bij de belastingdienst hadden de stellige indruk dat als ze dit bedrag niet op tafel konden leggen, ze de kans liepen op bezuinigingen die hun eigen baan zouden kunnen raken. Wanneer was het ook weer dat die dienst leegliep doordat oudere ambtenaren massaal gingen vroegpensioneren?

Een verkeerde inschatting van het nut en de betekenis van de overheid voor de samenleving, is hier debet aan. Wat vroeger de vierde macht genoemd werd, namelijk de ambtenarij, is ook vaak het geheugen en geweten van de politieke deelnemers. En daarom was de ambtelijke organisatie niet alleen een uitvoerend apparaat. Voordat deze aan banden werd gelegd, had die een onduidelijk afgebakende functie om de consequenties van maatregelen voor de lange termijn in beeld te brengen. Zo werden grote politieke misstappen voorkomen. Want de makke van het politieke stelsel is nu eenmaal dat er hooguit vier jaar resten tot de volgende verkiezingen. Dan scoor je niet zo gauw met zaken die zich op den duur pas bewijzen. En een afstraffing van beleid volgt ook vaak pas als de verantwoordelijken allang van hun plek verdwenen zijn.

De politieke bestuurder heeft er weinig aan om op de langere termijn te denken. Die ambtelijke verdediging van verworvenheden en grenzen is al enige tijd verloren gegaan in het dualisme dat zo’n kleine twintig jaar geleden werd geïntroduceerd bij een vernieuwing van de overheid. En nu blijkt keer op keer dat politieke controlefunctie handen en ogen te kort komt voor deze taak en dan alleen nog putten kan dempen.

Wel bedacht ik dat het overheidsfunctioneren nu goed in de pas loopt met een volk dat een neus heeft voor wat misschien is toegestaan, want niet verboden. De neiging tot onvolwassenheid is breed aanwezig in de volksaard, ongeacht de aannames daarover.  Alle ruimte om langs de kant te scheren of er ongestraft overheen te gaan, wordt met verve benut.

Een raadselliedje begon afgelopen week ineens door mijn hoofd te spelen. Toen Forum en Baudet de grenzen bereikten zong het: De kop van de kat is jarig

Om verder te lezen, klik hier.