Dat terwijl je bezig bent

Mijn geluk ligt vooral thuis, mijn vrijheid eigenlijk ook. Een goed feest, daar hou ik wel echt van. Niet slenteren, maar dansen, niet kletsen, maar mee in de muziek, het moment met anderen opstuwen. En van mooie gesprekken met vrienden die de vriendschap sterker maken. Goede wandeling erbij, daar word ik warm van. Ik heb dus niet echt een probleem, zo thuis.

Nu ik dan thuis gewoon mijn ding doe achter de naaimachine (ja, daar zijn we weer), duwen gedachten zich omhoog. Muziek aan, kopje koffie onder handbereik en ik ben in mijn lang niet al te saai domein. Lang leve Spotify, die me steeds mooiere luisterlijsten is gaan presenteren vanwege mijn gedrag. Als ik niet wil denken, zijn er een groeiend aantal podcasts waar mensen iets vertellen en ik zo nu en dan graag naar luister terwijl ik dan niet denk, maar met de rest van mijn aandacht iets doe. Rijk voel ik me dan.

Al prutsend valt me in dat kleermaker ooit een gezien vak was, want makkelijk is het niet om iets behoorlijks te wrochten. Dat het niet alleen aandacht vraagt, maar ook zoveel geduld.
Dat je geduld niet zomaar hebt.
Dat je in een ritme van geduld moet belanden, wil het voor je gaan werken.
Dat ik me eigenlijk erg verbonden voel met anderen over de hele wereld en van alle tijden.
Dat dat ook met koken ook zo is, maar dat je daar per resultaat meestal minder lang over doet.
Dat ik in een leercurve zit. Niet alleen met de materie, maar ook met mezelf.
Dat ik ooit heel goed was in dat kleding maken, maar dat dat heel lang gelden is.
Dat ik veel mooie dingen maakte, een fijne kledingkast vol, maar dat ik daar in een paar weken niets meer aan had toen ik besloot te stoppen met roken en de kilo’s zich in hoog tempo opstapelden.
Dat ik toen jaren in prefab ellende heb gewoond en toch weer met roken ben begonnen. Al is het minder geworden (veel).
Dat het ambacht van kleding maken ooit hoog werd aangeslagen, maar dat dat verworden is tot hobby van sommige mensen die niets beters te doen zouden hebben.
Dat dit gebeurde kort nadat de industrie bergen begon uit te braken waar niemand om gevraagd had.
Dat het volk het wel leuk vindt om er af en toe iets uit te halen en vooral, om ernaar te kijken en een mening te hebben.
Dat die industrie bevolkt wordt door mensen en kinderen die er nauwelijks van kunnen leven.
Dat die werken met stevige machines, anders wordt het niks, maar toch vaak op dezelfde problemen stuiten als ik.
Dat het vaak veel proberen is om iets voor mekaar te krijgen, omdat niet alleen de machine een eigen wil heeft, maar de stoffen, bandjes en ritsen net zo goed.
Dat het heel fijn is dat er mesjes zijn uitgevonden om genaaide draadjes weer los te tornen.
Dat je er wel enorm mee moet uitkijken, want voor je het weet snij je niet de draad door, maar wel de stof.
Dat het dus een enorm gepriegel is om het los te krijgen en je al je geduld nodig hebt. En meestal meer. O ja, doorzettingsvermogen heet dat.
Dat het dan geen hobby meer is maar een ambacht.
Dat het ook heel fijn is dat er magnetische ‘pressepapiers’ bestaan, zodat je spelden ergens blijven liggen waar je ze hebben wilt.
Dat ook ander voorwerpen daar aan kunnen gaan kleven.
Dat het niet altijd fijn is dat je prullenmand onder handbereik staat wanneer blijkt dat de hele magneet mét aangekleefde zaken zojuist daarin is verdwenen en je die er nu uit moet zoeken tussen de honderden draadjes en andere zaken.
Dat op het moment dat je denkt dat het nu eindelijk goed gaat, het tomeloos fout gegaan blijkt.
Dat je nog meer geduld en doorzettingsvermogen nodig hebt.
Dat je de telefoon had moeten afzetten.
Dat je moet blijven zitten wanneer je muziek te horen krijgt waar je het zuur van krijgt, om dan toch getergd op te staan om dat nummer over te slaan, en daardoor weer alles opnieuw in stelling moet brengen.
Dat de fouten die jij ziet in je werk, geen mens iets kan schelen.
Dat het toch niet onaardig is afgelopen.
Dat dit een leuke verteltrant is, maar voor nu echt genoeg.
Dat die manier van vertellen geïnspireerd raakte door een prachtig gedicht van Twan Vet.
Dat veel mensen dat moeten lezen, omdat ze dan zullen zien hoe prachtig dat is en het absoluut over iets compleet anders gaat.
Dat ook gedichten schrijven werk is dat vraagt om geduld en doorzettingsvermogen.
En dat je dat er vervolgens niet aan af ziet.
Zo is alle kwaliteit uiteindelijk het resultaat van veel aandacht, geduld en doorzettingsvermogen.

Gedicht Twan Vet: https://www.twanvet.nl/poezie/558831_dat (met zijn instemming gebruikt).

Om verder te lezen, klik hier.