Lappen en flappen door de tijd

Dat fleece-dekentje, die lap gespeld op de gordijnen, mag weer weg. De nachten hebben hun pijnigende kou verloren. Het leven verandert weer. Ikzelf landde in een stemming van maar wat aanlummelen. Natuurlijk doe ik ook nog wel eens wat, maar het lijkt of mijn ontploffende kop vol ideeën een halt was toegeroepen. Meestal weet ik al meer dan een dag tevoren wat ik wil gaan koken en hoe het moet smaken. Dat spontaan umami-denken zat nu ergens achterop mijn fiets te neuriën dat het allemaal wel weer komt. Het schrijfgen was er tegenaan gekropen. Alles sudderde op een laag pitje toen de dooi inzette. Ef vond op dat moment in een doos op zolder onbedoeld mijn oude schaatsjes. Niemand meer geïnteresseerd.

Ik zelf wilde weer ronddrijven als een soepballetje in het nat van de tijd, zoals dat wekenlang het geval was. Die periode waar de dagen vooral vergleden. Dat je op donderdag dacht dat het zaterdag was. De dagen waar vooral het weerbericht het ritme van bezigheden dicteerde. En de zon natuurlijk. Altijd de zon.

Het weerbericht liet bij het plotselinge dooien zien dat het al heel binnenkort temperaturen zal geven waarover je in juni hoort zeggen dat het een ‘wat frisse dag’ gaat worden.

Gedurende de week van doordooien kwam er onverwacht veel in beweging in mijn gemoed. Zonder aankondiging begonnen al mijn verlangens zich onhoudbaar te roeren. Al na een dagje sprongen ze luid roepend als kleuters rond op een trampoline. Bijna een jaar lang wist ik ze te relativeren, ze zo te omhangen met de nadelen waarmee de uitvoering nu eenmaal ook gepaard gaat, dat het trekken binnen de perken bleef. Nu: geen houden meer aan! Het kabaal riep een wee gevoel op, een soort rouw gedrenkt in machteloosheid en benauwenis. Ik wil weer eens een plan voelen dat me buiten de deur gaat brengen.

Na al het schuilen verlang ik zo intens naar de zomer. Of in ieder geval naar licht en warmte en samenzijn met vrienden. Ik hou me aan mijn principe dat ik vooruit zie op het verder onbewaakte moment dat ik op zoek ga naar een mooie zwerftent. Eén die zich in een paar minuten laat opzetten en stormvast is. Mijn angst voor storm kreeg een paar jaar geleden vleugels toen we twee dagen aaneen te maken kregen met een volledig volgestroomde tent. Alles nat tot op de laatste onderbroek! Verder niet meer voorgekomen, maar we weten: het weer is ook in mooie periodes soms totaal onvoorspelbaar en ik heb een heilig ontzag voor onweer. Toch wil ik zo graag deze vroege pensionado-jaren nog wat kunnen rondzwerven.

Twee dagen zitten zoeken naar wat ik echt wilde én gevonden. Via Marktplaats. Een hyper hoogwaardige tent met opblaasbaar frame. We mochten hem komen afhalen. Met dit bijna-bezit waande ik me nu al bewoner van het mobiele huisje waar ik zo naar verlang. Ik begin weer wat te zien in de naaste toekomst. Een rondreis door Nederland. Vrienden zien. En onbekende landschappen in duiken.

Hoe mooi was de dag dat we onze tent konden afhalen bij de vorige eigenaren. Deze waren duidelijk erg verknocht geraakt aan het ding. Een half leven aan kampeerherinneringen kwam voorbij toen ze de goederen toonden. We kregen alles mee met toelichtingen en commentaren, aangevuld met handige doekjes en een dierbaar vloerkleedje voor bij de ingang. In mijn hoofd zat ik al bij deze compacte katoenen villa op mijn stoeltje. Allebei willen we deze mensen nog graag eens ergens tegenkomen om mee te proosten. Ze hielpen mee de tent naar ons autootje te dragen en namen afscheid met de woorden: we zijn blij dat jullie hem nu nemen. Niet alleen vanwege het uiterst redelijke geldbedrag, maar vooral omdat ze de tent met een goed gevoel aan ons meegaven, wisten we ons geweldig verrijkt. Het reisgevoel raakte helemaal bezegeld toen we daar in de buurt nog een bezoek brachten aan het strand. Daar bij de Noordzee, daar raakte de drang om er echt op uit te willen iedere weerstand kwijt.

We zijn niet de enigen die zich graag verlost weten van de beperkingen. Die niet goed meer weten hoe het geduld netjes dun uit te smeren over de toekomstige weken en maanden. Bij wie de kop aan het barsten is. En dan hebben wij nog de luxe dat we het thuis echt fijn hebben, zelf en ook samen. We huldigen het geluk in ons bestaan, maar de jeuk van verlangen is verre van verdwenen.

Wat zou het toch veel schelen voor iedereen als je gewoon om eigen redenen mag en kan sneltesten. En dan een app-bewijsje krijgt van het resultaat! En die prik! Ook graag met bewijsje!

Het weer is opnieuw van de leg. Vanmiddag brunchten we buiten in de zon en stond ik in de keuken slechts gekleed in mijn onderbroek en een shirt. Wel met de wollen laarsjes aan. De intense slingerbeweging van het weer maakte mijn herinnering aan de afgelopen weken tot een slordige berg van losse blokjes, de afzonderlijke dagen. De toekomst krijgt wel reliëf terug met gemaakte afspraken en data voor onvermijdelijke dingen als moeilijke tandartsbehandelingen, belastingen invullen en verkiezingen.

Ik besluit bij dat laatste eens goed tot me door te laten dringen op wie ik meen te kunnen vertrouwen als het gaat om het nemen van regeringsverantwoordelijkheid. Dat is mijn thema. Want op het Zwarte-Pieten-nieuwe-stijl ben ik totaal uitgekeken! Ik vind het laakbaar om de consequenties zo ver naar de toekomst door te schuiven (‘Daar is de evaluatie voor’) dat het publiek (wij burgers) niet anders meer kan verwachten dan een rapport opgemaakt na een peperduur onderzoek met als resultaat slechts een antwoord op de vraag hoe ‘het’ zo kon gebeuren, terwijl de schuldigen er onbeschadigd mee wegkomen. De gemiddelde bedrijfscommissaris loopt meer risico op een afrekening na het maken van mislukte keuzes binnen een Raad van Commissarissen.

En nu er veel van die rapporten in het verschiet liggen, zit bij mij op een klein stoeltje de vraag ongeduldig te heen en weer te wippen, of en wat er dan van zal worden geleerd. Of het iets gaat veranderen. Want ik hoop vurig op een bestuursstijl die zichzelf de maat wil nemen. Kwesties en deskundigen zat, maar het maken van verantwoordelijke keuzes rond benauwd makende thema’s is een zaak voor een gedegen bestuur met durf en iets ouderwets dat fatsoen heet. Alle beloftes en vleierijen doen er niet echt toe. Ook de mannetjesmakerij niet. Waarom toch moet ik ineens denken aan dat geweldige lied van Van Kooten en De Bie? ‘Mooie mensen in de nacht (…) maken kringen van het nat op het smoelwerk van de stad.’ Onsterfelijke regels!

Een volgende blog verschijnt binnenkort.