Steen, papier en schaar

Dit moment van schrijven staat in het teken van moeilijk nieuws. Nieuws waarvan ik bijna zeker ben dat het me erg verdrietig zal maken. Ik word er ook nerveus van.

Er zijn van die stiltes in de tijd, zo dat een vallend boomblaadje weet duidelijk te maken dat het echt wel gewicht heeft en met het zachtste krasje op een tegel landt. Deze stilte hoort bij de stapel van afwachten die nu iedereen gevangen lijkt te houden. Het gewicht daarvan fluctueert van moment tot moment. Soms weegt het zo dat je de tranen achter je ogen voelt opbollen, maar tot huilen komt het niet. Soms ook weer is het niet meer dan een puzzeltje dat je in je hoofd legt terwijl je weet dat er geen werkelijke uitkomst is omdat alle elementen ongelijkaardig, incongruent, zijn.

Iemand vertelde mij dat mensen over de hele wereld last hebben van een jetlag in hun werkelijkheid. En dat hij deze beschrijving nog niet was tegengekomen in alle stukken die hij las over de beleving van de pandemie. Dat met het voortduren ervan een soort onthechting ontstaat tussen de eigen impulsen en behoeften en waar de werkelijkheid over gaat. Ik begrijp hem maar al te goed. De Dali-dagen waar tijd vloeibaar is en de vormen vertekenen. Ook het weer speelt een grillig spel met ons. Het sleurt ons binnen een paar dagen door alle seizoenen. Al weken!

Vragen hangen als een steeds groter wordende wolk van onvermoede kleuren boven onze hoofden. Dat de wetenschap in een niet aflatende jacht zoekt naar het antwoord op de vraag wat het eigenlijk is, dat leven en of we helemaal alleen zijn in het beangstigend oneindig grote heelal. De uiterst liefdevol gestemde filosoof Bertrand Russell vergoelijkte in zijn geschriften religie als bron van troost voor veel mensen bij deze vragen. Als ze daar baat bij vonden dan moesten ze het zeker niet laten om te geloven. Op voorwaarde dat ze daar een ander niet mee zou schaden. Dat ben ik heel erg met hem eens.

Maar bij het gevoel dat de mensheid zo alleen ronddoolt, wringt het algauw. Want zo alleen zijn we niet. We zijn met zo verschrikkelijk veel exemplaren op deze aarde, dat we elkaar zelfs ongewild, zomaar in de wielen rijden. Daarbij is er nog ontelbaar veel leven buiten de eigen soort dat het een raadsel is hoe de natuur, of noem het de schepping, het eigenlijk bedoeld heeft. De wording van het leven kenmerkt zich door een nietsontziende honger naar bestaan. Alle leven vermeerdert zich tot een grens bereikt is. De natuur creëerde als antwoord op de ongebreidelde vermeerdering er steeds weer een scheppingsstap bovenop. Leven lukt alleen ten koste van ander leven. Vanaf de kleinste eenheden is er een voortschrijdende stapel ontstaan van verder ontwikkelde levensvormen die de voorgangers al etend begrenzen; ze vallen eraan ten prooi in de voedselketen.

De laatste exemplaren zijn uiteindelijk toch prooi voor de meest primitieve. In het tussengebied komen alle varianten en gradaties voor die de natuur er zo op los levend heeft doen ontstaan. Die natuur, daar horen wij bij, zij het met de kanttekening dat voor de mens geldt dat ons ‘soortelijk gewicht’ gemist kan worden in de kringloop van het bestaan. Om mijn parabel waarbij het huis van tante Jo dat liefdeloos werd uitgewoond toen ze het uitleende aan de neefjes voor een feestje van een einde te voorzien, kwam het mij zo voor dat ze de mannetjes onterfde.

Ik word zenuwachtig van mijn eigen gepeins over het bestaan. Van de traagheid die me dat geeft. Nu de paastijd er weer helemaal toe doet, past dit er onbedoeld naadloos in. Wat heeft het voor zin? Dat enorme onverschillige heelal en die harteloze natuur geven me een kil gevoel van verlorenheid. Een vriendin die al heel lang meegaat, heeft mijn stemming kennelijk aangevoeld en stuurde een Spotify afspeellijst met leuke liedjes voor Heleen. Zo wapper ik nu van het ontwaken van Parijs (il est cinq heur), naar de oproep om de zon binnen te laten. Tussen de sneeuwbuien door schijnt die inderdaad als geroepen naar binnen. Dank voor de aanmoediging!

Ik begon mijn Pasen met een beetje zondagzappen. De avond ervoor keken we al naar een livestream van Peeping Tom: een gedanst surrealistisch drieluik met als doorlopend thema een spookachtige werkelijkheid van waaruit geen ontsnappen mogelijk is. Met gevoel voor humor, dat ook nog! We hadden een wat beroerde doorgifte, maar dat versterkte de sfeer van dit stuk juist nog. Aan het einde komen de doornatte figuren zo je eigen werkelijkheid binnengedreven op een golf van donker water. Als er een film van gemaakt zou worden, denk ik dat deze voorstelling een enorme culthit wordt. Triptych is het herbekijken absoluut waard!

Tijdens mijn zapperij viel ik binnen bij alweer dans. Het slot van Doornroosje dat met negentiende eeuwse bevalligheid werd uitgevoerd door het Bolshoi Ballet. Ik bedacht dat het klassieke ballet als enige kunst de vrouw een vanzelfsprekende prominente plaats gaf als onmisbaar uitvoerend kunstenaar. Emancipatie op spitzen. Ook herinnerde ik me ineens de opmerking die ik een keer hoorde van een Zuidafrikaan: waarom we hier in ons westen juist kippen in de dans ten tonele voerden.

Vervolgens nam ik een kijkje in de Sint Pieterbasiliek in Vaticaanstad. Weer gegrepen door die meer dan prachtige vloeren. Toen ik die voor het eerst in werkelijkheid zag, vond ik ze ongelofelijk modern, maar dan beter. Behalve de Paus en zijn direct gevolg droeg iedereen een mondkapje. De een gaat meer lijken op een varken, de ander krijgt een hondenkop. Een zwarte kardinaal had een zwart exemplaar op en bleef zo dicht bij zichzelf. Een koor van mannen die duidelijk voor het kerkelijk bestaan hadden gekozen vanwege de zang, leefde zich uit in lange sonore klanken onder leiding van een wild gebarende dirigent. Ik kon met geen mogelijkheid ontdekken welke boodschap hij zo wilde overdragen aan de koorzangers. Verder veel vrome gezichten die zich in diep zwijgen met nauwelijks verhulde ijdelheid lieten bekijken. De Latijnse delen van de dienst werden overtetterd met de gesproken Italiaanse vertaling. Onnuttig voor de rest van de wereld waarvoor deze uitzending toch ook bedoeld is. Ze weten niets van ondertiteling daar in Italië. En Engels is ook een brug te ver.

Met Hans van Manen en Podium Witteman landde ik qua stemming weer een beetje op mijn voeten. Dikke vinger voor die onverschilligheid van dat heelal en die natuur. Als al dat leven niet de moeite lijkt daar, dan doen we er vooral onszelf en elkaar een plezier mee! Wel de troep opruimen! Ik wist ineens: nu knip ik mijn haar!

Om verder te lezen, klik hier.